Ik ben een uur te vroeg op de nieuwe locatie van tandarts Marysael in tandartsenpraktijk 'de Veste' aan de Veersesingel in Middelburg. Ik verschans me met dit boek vol uitnodigingen tot creativiteit op het Bolwerk, waaraan ik vroeger 10 jaar heb gewoond, nl. in de Oostkerkstraat. 

Toen boeide me de natuur niet zo. Ik was net het ouderlijk huis verlaten en was net klaar met de opleiding toerisme in Hengelo. Ik was werkeloos, omdat ik mijn ontslag had gekregen op de MS Olau-Brittania vanwege mijn epilepsie.

Ik ging vaak op stap en was in ruime mate geïnteresseerd in het andere geslacht.

Door mijn opleiding was het verlangen aangewakkerd om naar Bolivia en Peru te reizen. Daar ben ik ook geweest met Djoser-reizen, nadat ik met een vriendin 3 weken door Zuid-India had gebackpacked.

Die herinneringen komen weer naar boven. Deze omgeving roepen die op bij mij.

Zelfs hier wordt ik niet helemaal met rust gelaten. Een man met een hond vindt me kennelijk interessant. Hij volgt me vanaf het moment dat ik van mijn fiets afstapte bij de Oude Veste tot nu. Hij is tegenover me gaan zitten op een bankje aan de Nederstraat. Dat het tot bemoediging tot creativiteit mag zijn.

Ik wist niet dat ik zou gaan schrijven. Nood breekt wet. Ik moet mijn gebit nog een uurtje schoon zien te houden enheb niet zoveel geld meer te besteden.

Dit 'Creatief Journaling' boek leek me een goede invesering. Eigenlijk wilde ik het iemand cadeau doen, maar meebewegend met Gods Geest begrijp ik, dat ik het zelf mag houden om weer aangevuurd te worden tot mijn creatieve gaven.

God is goed. Het is hier beter toeven dan in de wachtkamer en zelfs beter dan in de stad. Het wemelt er van de toeristen, want het is paasvakantie. Het is er veel drukker dan in het centrum van Vlissingen.

God weet dak ik van rust en ruimte houdt en vult mij graag met Zijn Geest d.m.v, Zijn prachtige schepping. 

Die man is toch weggegaan. Ik bid dat God hem zegent.

Ik luister naar het geruis van de wind door de bladeren van de vele mooie bomen hier en kijk naar de gerimpelde reflectie van de witte huizen met hun oranje dakpannen in het water.Ik word daar rustig van.De natuur heeft een andere trilling dan de stad en ik ben daar gevoelig voor. 

Nu ik ouder begin te worden, merk ik dat mijn roots op het platteland liggen. Daarom voed ik me nu vaker met de rust en de schoonheid van de natuur.

Het is lekker weer nu. Het is licht bewolkt en aangenaam in de schaduw, zij het met een jack aan.

Ik schets nog snel mijn uitzicht op de overgang van het Bolwerk naar de Nederstraat ter rechterzijde n voeg me dan naar de tandartsenpraktijk.

In de wachtkamer van tandarts Marysael staan 3 geschakelde stoelen en ik vraag aan de man die er al zit, of de stoel rechts van hem nog vrij is. Hij heeft voor mij een afspraak om 15.50 uur. Hij zegt het jammer te vinden dat de tandarts niet meer in Dauwendaele praktijk houdt. Dat was dichtbij zijn huis. 

Ik hoop hem gerust te stellen door te zeggen dat ik in Vlissingen woon en zeg het jammer te vinden dat ik mijn bezoek nu niet meer zo vlot kan combineren met een bezoek aan het Pennywafelhuis.

Hij zegt verbaasd:"Wat is dat dan?" Ik zeg hem: "Je kunt daar schilderen. Marlou Pluymackers is daar ook. Ze gaf me les op het Theo van Doesburgcentrum en bij de Kuyperspoort. 

Hij zegt:"Ik heb nog les gehad van een vrouw uit Nieuwdorp. Op een gegeven moment ging het over reïncarnatie. Dat betekent dat je weer terugkomt in een ander leven."

Ik zeg:"Dat is iets heel anders. Dat gaat meer over het geestelijke."

Dan roept de tandarts hem binnen en weet ons gesprek wel te waarderen, zie ik.

Even later loopt hij weer naar buiten en wenst me vriendelijk succès toe. 

Ik zeg: "Dank je."

Nadat de tandarts wat tandsteen heeft weggehaald, fiets ik over de singels weer terug naar huis. 

Huize 'de Sprenck' is een hotel geworden. Ik zie er 3 mensen met koffers naar toe lopen. 

Ik volgde er yoga- en meditatielessen toen ik rond de 30 jaar oud was. Ik heb er door leren , maar mijn genezing en innerlijke vrede kwam toch pas echt door een relatie met Jezus aan te gaan.

Religie, wat voor één dan ook, blijft mensenwerk en tradities en regels van mensen houden de liefde van Jezus tegen.

Voor de 2e keer vandaag kom ik een bezoeker van het Inloophuis in Vlissingen tegen. Hij komt altijd brood van de Voedselbank daar brengen.

Het is heerlijk fietsweer en ik geniet van de zon en de natuur.

Ik doe nog een paar boodschappen bij Aldi in de Griffioen en fiets dan, zonder jack, weer terug door de Stromenwijk naar Vlissingen.

Ik eet de fruit- en maaltijdsalade, die ik had gekocht voor een picknick, die nu nog geen doorgang kon vinden.

Ik schilder de bergen van afgoderij uit, omdat God wil dat ik ertegen profeteer.

Elise belt of ik thuis ben. 

We praten bij in de tuin totdat het gaat schemeren. Dan zetten we ons gesprek binnen voort onder het genot van een glaasje wijn. Voor de gelegenheid heeft ze maar eens een goede kurkentrekker voor me gekocht.

Opeens zegt ze, terwijl ze op haar mobieltje kijkt:"Ik zie 000 staan." Ze gaat er weer vandoor, want morgen gaat ze weer terug met de trein naar Amersfoort waar ze antikraak woont. Als ze op de w.c. zit schrijf ik nog snel de 'Dank je - Thank you - Merci' - kaart, die ik vandaag bij Afslag 29 kocht en geef die aan haar mee. 

Ik dank God voor de dag vol verrassende ontmoetingen en leg mijn hoofd te rusten op mijn kussen, dat aangenaam naar Ariël-washpods riekt.